Een uitgave van de Haagse Tram Vrienden ©,
www.haagstramnieuws.org
| ARI | Automatische Rem Ingreep. Een aantal GTL's is van dit systeem voorzien om door de tramtunnel te kunnen rijden. Wanneer de tram door een rood sein rijdt of te hard rijdt, grijpt ARI in. |
| Asbreukwagentjes | Dit zijn wagentjes die zich in de wagen van de storingsdienst tram (noodploeg) bevinden. Indien de as van een tram gebroken is (asbreuk) of bij het vastlopen van een draaistel, dan wordt de tram omhoog gevijzeld of getakeld. Vervolgens worden de asbreukwagentjes onder de tram geplaatst en het kapotte draaistel op de asbreukwagentjes geplaatst. |
| Commandolat | Lat die zich onder de kop van de tram bevindt. Mocht er zich een voorwerp op de rails bevinden of de tram een aanrijding krijgen met een persoon dan wordt de stootlat of commandolat naar achteren gedrukt. Hierna valt het vangraam waarmee voorkomen kan worden dat het voorwerp of persoon onder het eerste draaistel terecht komt. |
| Keerdriehoek | Uitwijkpunt langs de route van een tramlijn, die gebruikt kan worden om een tramlijn in te korten bij een stremming. De tram rijdt vanaf het heenspoor achteruit de keerdriehoek op. Vervolgens verlaat de tram de keerdriehoek weer door vooruit naar het terugspoor te rijden. |
| Opkallen | Vastzetten van een wissel zodat deze niet meer in de andere richting gelegd kan worden. |
| Overloopwissel / Verbindingswissel | Wissel tussen twee sporen (heen en terug) om van het heenspoor naar het terugspoor te rijden. Vroeger toen er nog tweerichtingmaterieel was werd er volop gebruik gemaakt van dit soort wissels. Momenteel liggen er nog twee verbindingswissels in het baanvak van lijn 11. De bovenleiding boven het verbindingsspoor is echter niet meer aanwezig en de sporen zijn ook niet meer als zodanig in gebruik. |
| Pantograaf / Stroomafnemer | Beugel op het dak van de tram. |